|
|
 |
| |
Het doel heiligt de middelen
Marcel Kreuger, plaatsvervangend directeur van het Landelijk
Bureau ter bestrijding van Rassendiscriminatie, ging naar
de World Conference against Racism, racial discrimination, Xenophobia
and Related Intolerance in Durban, Zuid Afrika (31 augustus
- 7 september 2001) |
 |
 |
Marcel Kreuger |
Ja, ik was in Durban. Ja, op de wereldconferentie tegen
racisme, xenofobie en aanverwante intoleranties. U heeft
er ongetwijfeld over gelezen in de krant. En het ergste
is, de meeste berichten gaven een goede weergave van hetgeen
daar zoal gebeurde. Het was een organisatorische chaos,
er werd gesjoemeld met documenten, er was sprake van onderling
wantrouwen en soms regelrechte haat. Niets menselijks is
de antiracismebeweging vreemd…
Keurige antiracisten uit Europa werden geconfronteerd met
de onaanraakbaren, de Dhalits, uit India die keer op keer
op keer op keer aandacht vroegen voor hun zaak. We werden
'overvallen' door Zuid-Afrikaanse vrouwen die zich op doortastende
wijze de toegang tot het conferentieterrein verschaften.
Ze hadden geen geld om het op de gewone manier te doen.
We werden overladen met parolen die we nog kenden uit de
radicale studiejaren, met als hoogtepunt een uren durende
donderspeech van El Commandante, Fidel Castro.
En ja, we werden overvallen door een soort onuitgesproken
bondgenootschap tussen Afro Amerikaanse 'brothers and sisters'
en mensen die knokten voor de Palestijnse zaak. Antisemitisme
bleef onbesproken, omdat de Israëli's zelf ook vuile handen
maken. In ruil daarvoor (?) werd de eis voor herstelbetalingen
in verband met het slavernijverleden breed gesteund. Gelukkig
verlieten de VS en Israël voortijdig de conferentie. Dat
versterkte het vijandbeeld nog eens extra.
Ik, een keurige antiracist uit Europa, laat antisemitisme
natuurlijk niet onweersproken. Natuurlijk verafschuw ik
de gewelddadigheden in het Midden-Oosten. Ook ik ben voor
een onafhankelijk Palestijnse staat. Maar het doel heiligt
niet alle middelen. Ik verzette me tegen wantrouwend gedrag
van 'zwart' ten opzichte van 'wit'. Afgunst en haat mogen
immers geen plaats hebben op een antiracisme conferentie.
Ik verzette me ook tegen de organisatorische chaos. Kom
bij mij niet met zinsneden als 'door de organisatie te bekritiseren
geef je impliciet aan dat zwarten niet kunnen organiseren'
en 'Zuid-Afrika is geen rijk land, ze doen toch hun best'.
Dat is eigenlijk een vorm van racisme. Je mag niets zeggen,
want het zijn zwarte broeders en zusters.
Met verklaringen en persberichten hebben wij dan ook publiekelijk
afstand genomen van de gesignaleerde chaos, het wantrouwen
en het antisemitisme. Ik was blij dat Mary Robinson de NGO-verklaring
(mijn verklaring!) niet in ontvangst nam vanwege de onfrisse
opmerkingen over Israël.
Maar nu, ruim een maand later, komen de twijfels. Ik moet
steeds terugdenken aan mijn eerste safari. Wij Europeanen
vinden onszelf heel belangrijk. We gaan op safari. We verwachten
dat de dieren nieuwsgierig zijn naar ons, of in ieder geval
bang. En dan komt de ontnuchtering. Heel snel besef je dat
je in de Afrikaanse bush niets voor stelt: elk dier loopt
sneller, ziet meer, ruikt meer, hoort meer en bijt harder
dan jij. En, als klap op de vuurpijl, de meeste dieren zijn
helemaal niet in jou geïnteresseerd! Ze lopen je straal
voorbij!
Eigenlijk gebeurde hetzelfde in Durban. Natuurlijk hebben
wij gelijk. Natuurlijk hebben we het allemaal fantastisch
georganiseerd. Natuurlijk hebben wij ook het geld om dat
allemaal zo fantastisch te regelen. Maar driekwart van de
wereld heeft een heel ander perspectief. De 'European Caucus'
vormde maar een klein groepje op de wereldconferentie. Het
ging vaak juist niet om gedragscodes, databases, overlegorganen
met politiefunctionarissen, en andere belangrijke West-)Europese
invalshoeken. Het ging om het bestaansrecht van Dhalits
en indianen in Brazilië, om mensenhandel, om (eindelijk!)
de erkenning van slavernij als misdaad tegen de mensheid.
Het ging om het recht van zwarte vrouwen in Zuid-Afrika
om hun verhaal te vertellen. En dus was het toch een succes.
Opnieuw heb ik op het Afrikaanse continent de relativiteit
van mijn werkelijkheid ontdekt.
|
|
|