Gekruid geluid
Nieuws en agenda
Verdieping en achtergrond
Didactiek en methodiek
Beleid en strategie
Begeleiding en training
Feiten en cijfers
Prikbord
Adressen en links
Colofon



Verdieping en achtergrond
 

       
Stadswandeling Rotterdam, langs plekken die herinneren aan de periode 1933-45

Inleiding

Rotterdam heeft geen oud stadscentrum, als gevolg van de bombardementen. De oude binnenstad is geheel verdwenen. Alleen op de Coolsingel staat nog het stadhuis, het postkantoor en het politiebureau.
Juist dit gebied kenmerkte zich voor het uitbreken van de oorlog door de hoogste bevolkingsdichtheid van Rotterdam. Kleine straatjes, met oude dicht opeenstaande huizen, singels en winkeltjes. In de buurt waar nu het Hiltonhotel staat, woonden vroeger veel joodse Rotterdammers. Er was veel armoede in het oude centrum.
Rotterdam heeft door de bombardementen veel te lijden gehad en is daarna ook sterk veranderd. Het heeft nog vele decennia geduurd voordat alle lege gaten in het centrum opnieuw zijn bebouwd. Aan de Laurenskerk bijvoorbeeld is nog jarenlang gewerkt.
Als belangrijke haven en vanwege de ligging de ideale voorbereidingsplaats voor de aanval op Engeland, was Rotterdam van groot militair en strategisch belang.

10 mei 1940 vielen de Duitse troepen Nederland binnen. Mariniers en soldaten die nog maar enkele maanden in dienst waren hielden vier dagen stand tegen de grote overmacht van het Duitse leger. Op 14 mei werd een ultimatum gesteld: Rotterdam moest zich overgeven zoniet dan zou volledige vernietiging plaatsvinden, ook van Utrecht, Amsterdam en Den Haag. Nog voordat het ultimatum verlopen was hebben Duitse bommenwerpers bijna 100 ton bommen laten vallen op de binnenstad van Rotterdam.
Het duurde tot half augustus voordat met het bluswerk gestopt kon worden.
600 mensen zijn omgekomen. 80 000 mensen raakten hun huizen en bezittingen kwijt.

1. Monument voor de mariniers

Dit beeld staat aan het Oostplein. Het is gemaakt door de beeldhouwer Titus Leeser. Het is een herinneringsmonument voor de gevallen mariniers die de Maasbruggen hebben verdedigd. Hier hebben de gevechten plaatsgevonden, bij het uitbreken van de oorlog. De Maasbruggen vormden de belangrijkste verbinding tussen zuid ( waar het Duitse offensief begon) en centrum/noord. De bruggen zijn nog niet zo lang geleden afgebroken.

2. 'De verwoeste stad' (Zadkine)

De beroemde beeldhouwer Zadkine bracht in 1946 een bezoek aan Rotterdam en was onder de indruk van wat hij aantrof: onmetelijke woestenij, een zwart geblakerde en opengescheurde kerk (Laurenskerk), vernietiging alom. Zadkine nam deze beelden mee en creëerde zijn monument. In 1949 was het beeld voor het eerst te zien in museum Boymans. Er kwamen felle reacties op, ook afkeuring. Zadkine moest zijn werk toelichten. Het legt het onmenselijk lijden, een schreeuw van afgrijzen en een les voor de toekomst vast. Inmiddels wordt het algemeen beschouwd als een van de indrukwekkendste monumenten. “De stad zonder hart” wordt het ook wel genoemd.
Het beeld werd geschonken door de Bijenkorf, de gemeente heeft alleen de sokkel en het plaatsen van het beeld betaald.

3. Monument voor de Koopvaardij

Op 10 april 1957 is het beeld door prinses Margriet onthuld. Het is gemaakt van Canadees aluminium. Op het betonnen voetstuk staat de tekst: “Zij hielden koers.” Het beeld werd na enige tijd uitgebreid met een beeldengroep, die in 1965 klaar was. De beeldhouwer Caroso heeft hiermee de offers die gebracht zijn en de betoonde moed tot uitdrukking willen brengen. In de oorlog zijn 3310 opvarenden van Nederlandse schepen om het leven gekomen.
De Nederlandse koopvaardijschepen hebben vanaf het uitbreken van de oorlog, waar ter wereld zij op dat moment ook waren, deelgenomen aan de oorlogshandelingen en maakten deel uit van de militaire vloot. Het is duidelijk dat de meeste opvarenden hiervoor niet opgeleid waren.

4. Reliëfplastieken over de geschiedenis van de jodenvervolging

De plastieken hangen aan de muur van de gaanderij in de tuin van het stadhuis. Dit monument heeft op zich een hele geschiedenis. Het toont duidelijk aan dat er nauwelijks aandacht was voor het leed dat de joodse Rotterdammers is aangedaan. De beelden zijn gemaakt door de beeldhouwer Loeki Metz. Ze waren bedoeld voor aan de muur van het synagogencomplex, maar zijn kort erna al verwijderd. Een kleine minderheid van de joodse gemeente maakte op religieuze gronden bezwaar tegen details van de afbeeldingen (geen besneden beelden). Hierna begon een moeizaam gesol met de beelden. Er raakte zelfs een plastiek kwijt. De beeldhouwster deed de gemeente een proces aan om alsnog de beelden geplaatst te krijgen. Ambtelijk werd notabene geadviseerd de gasfabriek als locatie te nemen! Uiteindelijk werden deze beelden in 1980 geplaatst in de tuin van het stadhuis.

De joodse gemeente telde in 1940 13 000 leden. Er waren zes synagogen, waarvan de grootste gevestigd waren aan de Boompjes en de Botersloot. Verder waren er het gesticht van Ouden van Dagen in de Claes de Vrieselaan. een joods ziekenhuis aan de Schietbaanlaan en een weeshuis aan de Mathenesserlaan.
Ook in Rotterdam golden de speciale maatregelen tegen de joden, die de nazi-bezetters hanteerden: in 1942 werd de jodenster ingevoerd, die men verplicht moest dragen. Een straatverbod, het verbod op de omgang met niet-joden, de registratie van bezittingen en de blokkade van bankrekeningen volgde. In juli 1942 kwamen de eerste oproepen voor de zogenaamde “ tewerkstelling” in het buitenland. Velen negeerden de oproep en verschenen niet op de bevolen tijd. Daarop pakte de bezetters 700 mensen op als gijzelaar, onder het dreigement dat ze naar een concentratiekamp in Duitsland zouden worden getransporteerd, wanneer de eerder aangewezen 4000 personen zich niet zouden melden!

Een maand later werd bekend gemaakt dat de joodse onderduikers naar het KZ Mauthausen in Oostenrijk zouden worden overgebracht. Vele joodse mensen begrepen toen wel dat hun de vernietigingsdood wachtte. Ook voor niet-joodse mensen in Rotterdam was het glashelder dat het hier om een misdadige opzet ging. Daarom hielpen velen om hun joodse medeburgers te laten onderduiken. Met tussenpozen van een paar dagen werden er telkens 2000 joden opgeroepen. Na de oproep werd met sancties gedreigd in geval men niet kwam opdagen. Gebruik van fiets en openbaar vervoer was hen toen al verboden. Waardevolle eigendommen mochten niet worden meegenomen, die eigende de bezetter zich toe.

5. Loods 24

Het verzamelpunt waar de joodse Rotterdammers naar toe moesten was Loods 24, gelegen langs een havenspoorlijn, niet ver van het Stieltjesplein. Het loodsencomplex is inmiddels afgebroken. Een comité heeft zich ingespannen om een herinneringsplaquette op die plaats te krijgen. Er staat nu nog een klein stukje muur, met daarop de plaquette.

6. Hal stadhuis

In de hal van het stadhuis staat een groot beeld, het is gemaakt door de beeldhouwster J.H. Hans. Dit beeld werd geschonken door koningin Wilhelmina. Het is in 1951 onthuld door haar dochter Juliana. De drie meter hoge David-figuur velt met zijn knots een adelaar. Op het voetstuk staan de woorden “Sterker door strijd.” Dit devies werd in 1948 aan de stad geschonken. Uit de toespraak van Juliana: “Dit devies duidt zijn wezen aan. Het streed in de oorlog, zoals heel Nederland streed, maar het leed uitzonderlijk. Ook het leed betekende strijd. Door de wond van Rotterdam, werd de kracht van Nederland gebroken. Dit is iets anders dan zijn geestelijke kracht.”

7. Plastiek in het hoofdbureau van politie

In het hoofdbureau van politie aan het Haagse Veer is ook een plastiek aangebracht. Dit monument herinnert aan 17.582 politieke gevangenen. Het politiebureau werd als gevangenis gebruikt. Deze politieke gevangenen hebben geleden voor de vrijheid. Een groot aantal gevangenen is als gijzelaar gefusilleerd. In 1944 is er door het verzet een overval gepleegd, waarbij 44 gevangenen werden bevrijd. De leider van deze verzetsdaad is Samuel Esmeijer, die later in Apeldoorn is opgepakt tijdens een andere verzetsdaad en is gefusilleerd.

8. Monument op het Stadhuisplein

Deze beeldengroep is gemaakt door Mari Andriessen en werd onthuld op 5 mei 1945. Het is een gedenkteken voor alle Rotterdammers die hun leven hebben gegeven voor de vrijheid. Ieder jaar wordt op deze plaats op 4 mei de officiële centrale Dodenherdenking gehouden. Voorafgaand daaraan is een bijeenkomst in de Laurenskerk.
De beeldengroep bestaat uit een vrouw, twee mannen en een kind. De vrouw en het kind staan enigszins naar het stadhuis gericht, het verleden. De twee mannen staan met de rug naar het stadhuis. Het kind is de symbolische schakel tussen het verleden en de toekomst. De middelste man kijkt naar de vrouw, met de herinnering aan haar leed. Hij heeft zijn linkerarm tot steun en met vertrouwen om de schouders van de tweede man gelegd, die een schop draagt en volgt zijn makker op weg naar de toekomst.

Overige gedenktekens en monumenten

Door de hele stad staan tal van beelden, zijn plaquettes en op sommige plaatsen kruizen.
Niet in het centrum, maar wel interessant om te bezoeken:
- De begraafplaats in Crooswijk, waar onder andere een gedenkteken is opgericht voor een actieve anti-fascistische verzetsgroep.
- De joodse begraafplaats.
- Het monument van Truus Menger in Kralingen. Het monument is opgedragen aan alle burgerslachtoffers van Rotterdam. De grote steen, waar permanent water langs druppelt symboliseert het vele leed. Dit monument kreeg door de beeldhouwster het motto “de steen van de miljoenen tranen” mee.